“eDebex: Flexibel platform voor facturenhandel”

Twee ondernemers testen een elektronische marktplaats waar bedrijven openstaande facturen te koop kunnen aanbieden.

Xavier Corman, David Van Der Looven en een paar andere partners bouwen aan eDebex.com, een elektronsich platform  voor het verhandelen van verkoopfacturen. Ondernemingen zouden op die manier op korte termijn hun openstaande, niet-vervallen vorderingen kunnen omzetten in contant geld.

Xavier Corman is een ervaren parttime CFO, actief op de Belgische markt voor zowel start-ups, entrepreneurs als kmo’s. Na zijn zoveelste ontmoeting met een onderneming in een lastige kassituatie wegens geblokkeerde cash bij hun klanten, zette hij eind 2012 concrete stappen voor de uitbouw van een alternatieve oplossing.

Om lastige discussies te vermijden en een kwaliteitsgarantie te bieden, besloot Xavier Corman zijn oplossing alleen uit te werken voor de niet-vervallen, onbetwiste facturen. Er wordt aan de uiteindelijke klant gevraagd om desbetreffende factuur expliciet te aanvaarden en te valideren. De ondernemingen hebben geen enkele verplichting om al hun openstaande facturen aan te bieden op de marktplaats. Ze kunnen zich beperken tot uitzonderlijke gevallen op gepaste momenten.

Om een economische transactie te realiseren zijn er twee partijen nodig. Aan de ene kant hebben we dus ondernemingen met hun klantenvorderingen. Aan de andere kant zocht, en vond, Xavier Corman verschillende types investeerders die in het systeem wilden stappen.

Kosten

Quasi elke economische transactie heeft een inherente kost en dat is ook hier het geval. Naast de korting voor de aankoper, die volledig ten laste ligt van de verkoper, is de aangerekende frictiekost uiteraard een inkomen voor de marktplaats zelve, ter financiering van de ontwikkeling, het onderhoud en de optimalistie van het platform.

In samenwerking met professor Hughes Pirotte van de Zwitserse risicospecialist FinMetrics en Solvay Brussels School of Economics & Management werd het onderliggende kostenalgoritme gedefinieerd. De gebruikte criteria daarbij zijn: bedrag, vervaldatum, activiteitensector en risico-rating van de onderneming.

Die kost wordt dus voor elke transactie individueel bepaald. Om een flexibele oplossing te bieden aan potentiële deelnemers, is dit de enige kost en zijn er geen langetermijnverplichtingen of periodieke abonnementen.

Zowel het aanbieden als het bekijken van de aangeleverde klantenvorderingen gebeurt op een anonieme wijze. In die verkennende fase, met eigen filterdefinities, is er geen mogelijkheid om de identiteit van de andere marktspelers, zowel ondernemingen als investeerders, te achterhalen. Pas zodra een investeerder een klantenvordering daadwerkelijk koopt, zijn de gegevens van desbetreffende onderneming voor hem zichtbaar.

Boekhoudkundig is de opzet van deze oplossing voor de deelnemende ondernemingen vergelijkbaar met een combinatie van financiële korting, waardevermindering en een overdracht van schuldvordering, soms ook novatie of schuldvernieuwing genoemd. Wettelijk mag een klant zich trouwens niet verzetten tegen een dergelijke overdracht, aldus Xavier Corman. Vanuit het standpunt van de belastingen is er dus geen directe impact, bronheffing of andere.

Ondernemingen hebben geen verplichting om hun bankiers op de hoogte te brengen dat ze aan deze marktplaats deelnemen. Bestaande kredietlijnen hoeven er dus niet onder te lijden.

Testversie

De testversie van het platform werd onlangs gelanceerd, met een beperkt aantal uitgenodigde deelnemers. Xavier Corman en David Van Der Looven wensen nu verder het aantal ondernemingen en investeerders te verhogen, zodat de marktplaats meer spelers krijgt en de volledige werking ten gronde uitgetest en geoptimaliseerd kan worden.

Twee ondernemers

Xavier Corman is parttime CFO bij Responsoris. Als entrepreneur heeft Corman de afgelopen vijftien jaar verschillende ondernemingen in de media en detailhandel opgestart en beheerd. Vandaag werkt hij als externe manager in bedrijven en organisaties.

David Van Der Looven is head of Investor Relations bij uFund, de voormalige Motion Investment Group, Belgische tax shelter voor de binnenlandse filmindustrie. Voorheen werkte hij o.a. in de verzekeringssector.

Martin van Wunnik – FD Magazine n°73, 2013

Afbeelding: Xavier Corman – © GF

Advertisements

Focus? Think again!

Un-focused

Focus? Think again!

8/8/8

Just one month prior to Lehman Brothers’ collapse started a global financial crisis in September 2008, I launched my sole-proprietary company, named ARSIMA Projects.

At that very start, on August 8th 2008, I defined a double focus. Delivering temporary assistance for setting up financial consolidation systems was my short term focus. Interim-management agencies, specialized in finance, would help me to find customers. On the longer term my plan was programming and selling my own financial consolidation system, called Consolite.

21/12/12 (+1)

Today, 4.5 years later and one day after “the end of the world”, where do I stand with regards to my original focus?

Well, to state the obvious, it has been quite a ride since 2008, as many, many other activities were added, including writing blog posts.

About one year ago, at the end of 2011, I made a strategic decision to offer my services on a different market because the demand for my services had dried up at the bigger sized companies (let’s call them BCs) and multi-national holdings. So I decided to assist and address the needs amongst starters and small & medium sized companies (let’s call them ADs).

So I got out of the building, met interesting people, got referred and introduced to many others, set up joint activities, learnt a lot, gave presentations, courses and workshops, and even invoiced some of them for my services.

For the record, on the Consolite side, my little pet software project, things surely have moved and evolved, but unfortunately at a below-average pace (due to a lack of focus from my side). So this on-going project will surely be continued in 2013, also for a reason stated here below.

Se faire rattraper par son passé / Ingehaald worden door zijn verleden

Even in my current AD-time, customers from my BC-time sometimes catch up with me and request my assistance. Currently this is the case. I just started a 3-months mission in Kortrijk, for the Belgian office of the US-based world wide leader in carpets. This mission, operational activities to fill in a temporary human resource gap, is not remotely related to financial consolidation systems. And I got this mission through a person I met during an Excel course I gave last year in Mechelen. So much for my original focus…

As has already happened several times to me, another BC-customer contacted me just three days after I started in Kortrijk, and offered me a six months’ mission, close to Brussels. We will have to see if that option is still open in 2013…

Being a full-time interim-manager in my BC-time, where I cannot duplicate myself for two or more customers, and a part-time financial coach in my AD-time, what by definition cannot be combined with another full-time job, I am the perfect example of un-scalable services. Consolite would be one of my attempts to resolve this conundrum. On-going discussion to work together with other interim-managers and coaches is another attempt.

Focus? or Pivot?

Focus is indeed important, as it is generally stated for all starters or entrepreneurs. Speaking for my self I should have stayed focused and say ‘no’ earlier to specific ventures. When your inner-voice, gut, belly or other part of your body tells you something is wrong with that specific business deal, person or organization, listen to it and act accordingly, quickly. Get out! It is your personal decision, so do it. You will gain a lot of time, and remember that your time is very precious. Additionally, you might even reduce some hazardous cash outflows.

Notwithstanding the focus objective, you should not close all doors by principle. Using the terminology from the lean methodology I believe you can and should ‘pivot’ yourself if such would be ‘proven’ by your own build-measure-learn feedback loop. This lean approach is usually used for the new product, market, service you have in mind, but I believe it is valid for your very own strategy and market position too. There might even be ways to apply this to your personal life.

I am not saying it is easy to find the right balance between focus and pivot, but at least you should consider it, not knowing what it will bring you. Paraphrasing the famous words of Steve Jobs, you can only connect the dots afterwards.

While closing the accounts for my fiscal year, I am both surprised and happy to see how many different customers I had this year and the range of services I rendered to them. If I had followed my original, limited double focus-path, that specific dot/moment in my business life would never have materialized.

Now, if only I could find a way to clone myself…

Martin – MvanWunnik         22/12/12

Related links:

www.arsimaprojects.eu

www.FinanceCoach24.com

www.consolite24.com

10steps2.com/scalable-business/

Starter? Ga er maar van uit dat je de eerste zes maanden zonder loon zit

“Mijn zoon zegt me soms dat ik dromen kapot maak, maar zelf zie ik dat anders”, glimlacht Martin van Wunnik. De financieel strateeg helpt start-ups met het opstellen van een realistisch financieel plan, onontbeerlijk voor de realisatie van een project. “Onze jonkies zijn naïef. Ze denken dat ze potten gaan breken enkel en alleen omdat ze een goed idee hebben.”


Martin van Wunnik is gepokt en gemazeld in projecten die het midden houden tussen finance en ict. Na 18 jaar te hebben gewerkt voor tal van multinationals (waaronder Jan De Nul), ging hij in 2008 voor eigen rekening aan de slag. Sinds 2011 begeleidt hij starters voor instanties zoals het Brussels Agentschap Ondernemen (BAO) en de Vlaamse Overheid (kmo-portefeuille Vlaanderen), en is hij verbonden aan de internet community BetaGroup en aan het Microsoft Innovation Centre (MIC).

“Wat me opvalt, is dat starters vaak denken dat alles gratis is. Je kan hen nog wel aansporen om naar een informatiesessie te gaan, maar organiseer je workshops voor een habbekrats, dan haken ze al af en kan je het schudden. De internetgeneratie hè (lacht). Maar het kàn niet altijd gratis of spotgoedkoop zijn. Als je een licentie laat doornemen door een advocaat, dan kost dat geld.”

“Een tweede ding waar je niet rond kan, is dat starters naïef zijn. Ze staren zich blind op hun idee, en gaan er zo maar van uit dat ze miljoenen gaan verdienen, terwijl ze vaak nog niet eens een werkend prototype hebben. Kijk het maar na: hoeveel jonkies vragen er geen geld voor een idee, zonder dat ze een product hebben, laat staan klanten? Pas op, soms lukt dat hoor. Maar de overgrote meerderheid komt van een kale reis thuis.”

Van Wunnik probeert beginnelingen te helpen met alles wat betrekking heeft op het financiële aspect bij het opstarten van een bedrijfje. “Dat is erg ruim natuurlijk, maar meestal komt het neer op de review van een financieel plan. Ik ga zelf nooit zo’n plan opstellen, maar ik geef wel commentaar, over waar het fout kan lopen bijvoorbeeld.”

“In zo’n financieel plan worden er heel wat hypotheses geponeerd, het kan eigenlijk alle kanten opgaan, en ik stel meestal twee scenario’s voor: een positief en een negatief. Waarbij het de bedoeling is dat je als starter toch een zestal maanden kan overleven wanneer het negatieve scenario zich voltrekt.”

Waar loopt het vaak fout?

Martin van Wunnik: “Los van de onrealistische hypermotivatie (lacht)? Het overschatten van de inkomsten/behoeften. Heeft iemand dat product wel écht nodig, of is het gewoon nice to have? Heel wat starters zitten in die laatste categorie, terwijl ze denken in de eerste te zitten. Met als gevolg dat de inkomsten het laten afweten. Of dat de inkomsten pas beginnen te stijgen na de zoveelste aanpassing van het product.”

“Iets anders zie je langs de kostenzijde. Je kan vandaag voor geen geld van start gaan, dankzij het internet. Maar wat als je plots van 5 naar 10.000 klanten gaat? Hoe ga je dat oplossen? Hoe ga je om met scalability-issues?”

“In de meeste gevallen is cash de grote boosdoener, en dan vooral het gebrek er aan. De inkomsten komen later binnen dan verwacht, terwijl de kosten heel wat hoger afklokken. Hoe ga je dat oplossen? Door een beroep te doen op family, fools and friends? Dat kan. Maar hoe groter je schulden, hoe moeilijker het wordt. Er komt een moment waarop je je moet gaan afvragen: ga ik me nog dieper in de schulden steken, of doe ik de boeken toe? Toegeven dat je gefaald hebt is één van de moeilijkste dingen die er zijn.”

Hoe zit het met de kwaliteit van de financiële plannen die onze starters opstellen?

Van Wunnik: “De meesten tekenen gewoon de grote lijnen uit. Zoveel klanten, zoveel omzet, zoveel kosten. Je kan online nochtans heel wat goede templates vinden. Het BAO heeft er eentje, net zoals ING. Het leuke aan dergelijke templates is dat ze mensen er toe aanzetten om ook eens na te denken over de dingen die niet van toepassing zijn voor hen. En wat velen vergeten: sowieso mag je er van uit gaan dat je de eerste zes maanden zonder loon zal zitten (lacht).”

Het gebrek aan cash is een logisch probleem, wat nog?

Van Wunnik: “Er zijn een vijftal dingen. In de eerste plaats is er het team. Ben je alleen, dat is dat niet zo goed. Het is beter om samen te werken met anderen. Je moet een degelijke structuur hebben om serieus genomen te worden als start-up.”

“Daarnaast heb je natuurlijk het business model. Opnieuw: starters zijn overoptimistisch. Ze schatten de behoeften van hun klanten verkeerd in en staan niet stil bij de prijszetting. Ze denken: we bieden een SaaS-formule aan, en vragen 50 euro per maand, terwijl de kosten oplopen tot 80 euro per maand.”

“Ten derde is er de scalability, wat we ook al aangehaald hebben. Hoe kan je van een kleine structuur doorgroeien naar een organisatie die grote volumes aankan? Welke infrastructuur is daar voor nodig?”

“Voorts is er de return on investment. Je koopt dure hardware, dure licenties en dure programma’s, maar hoe ge je dat allemaal afschrijven en terugverdienen? Ook hier weer die link naar cash: de inkomsten zijn onvoldoende om daar allemaal rekening mee te kunnen houden.”

“Tot slot is er de exit strategie. Ik weet wel, starters denken niet graag aan uitstappen, maar het kan toch geen kwaad om eens na te gaan of je bereid bent om 20 procent aandeelhouderschap/controle op te geven of niet. En indien het antwoord ja is: het blijft niet bij die éne financieringsronde, er volgen er nog. Aanvaard je het om minder dan 50 procent van je bedrijf over te houden? Dat zijn toch allemaal zaken waar je goed over moet nadenken.”

Zijn de exit-mogelijkheden in België en in Europa zo beperkt als men ons wil doen geloven?

Van Wunnik: “In onze contreien is de risico-aversie erg groot. Wat maakt dat de exit-mogelijkheden in de VS veel groter zijn, dat klopt. In Silicon Valley is ook het team achter een project belangrijker dan het project zelf. Dat zie je bij ons veel minder. Hier gaat een kapitaalverstrekker veel sneller een probleem hebben met een koerswijziging dan over de plas. Terwijl je juist dat moet kunnen doen: snel van opzet veranderen en inspelen op de marktbehoeften. Je moet een sterk team kunnen vertrouwen.”

“Dit gezegd zijnde, wil ik nog eens benadrukken dat starters te veel focussen op het ophalen van kapitaal. Het is beter om alle aandacht te richten op het ontwikkelen van een leefbaar product, van een prototype, en op het op zoek gaan naar de eerste klanten. Dat zou je allemaal moeten kunnen klaarspelen zonder funding. En dan kan je je later over het cash-vraagstuk gaan buigen.”

Frederik Tibau          11/10/2012 – 14:06

http://datanews.knack.be/ict/knowledge-center/start-ups/ga-er-maar-van-uit-dat-je-de-eerste-zes-maanden-zonder-loon-zit/article-4000191357966.htm#

© 2011 Roularta Media Group. Alle rechten voorbehouden.

Starter? Partez de l’idée que vous n’aurez pas de salaire les premiers mois

“Mon fils me dit parfois que je brise des rêves, mais moi, je vois les choses autrement”, déclare en souriant Martin van Wunnik. Ce stratège financier aide les startups à élaborer un plan financier réaliste, indispensable pour mener à bien un projet. “Nos jeunots sont naïfs. Ils pensent qu’ils vont tout révolutionner uniquement parce qu’ils ont une bonne idée.”


Martin van Wunnik en a vu de toutes les couleurs avec des projets situés à mi-chemin entre la finance et l’ICT. Après avoir œuvré 18 ans dans un bon nombre de multinationales (dont Jan De Nul), il s’est mis à son compte en 2008. Depuis 2011, il accompagne des starters pour des instances telles l’Agence Bruxelloise pour l’Entreprise (ABE) et le gouvernement flamand (portefeuille des PME flamandes), et il est lié à la communauté internet BetaGroup et au Microsoft Innovation Centre (MIC).

“Ce qui m’étonne, c’est que les starters pensent souvent que tout est gratuit. Vous pouvez encore les inciter à suivre une session d’informations, mais si vous organisez des ateliers pour une bouchée de pain, ils renoncent, et vous pouvez alors vous l’accrocher. C’est çà la génération internet (rire). Mais ce n’est pas toujours possible de faire les choses gratuitement ou à prix-plancher. Si vous faites examiner une licence par un avocat, cela coûte de l’argent.”

“Un deuxième point qui pose problème, c’est que les starters sont naïfs. Ils sont aveuglés par leur idée et estiment donc qu’ils vont gagner des millions, alors qu’ils n’ont même pas encore réalisé un prototype fonctionnel. Voyez par vous-même: combien de jeunots ne demandent-ils pas d’argent pour une idée, sans même avoir un produit et encore moins de clients? Certes, cela marche parfois. Mais l’immense majorité fait chou blanc.”

Van Wunnik tente d’aider les débutants sur tout ce qui concerne l’aspect financier lié au démarrage d’une petite entreprise: “C’est très vaste évidemment, mais généralement cela revient à revoir un plan financier. Je ne vais jamais élaborer moi-même ce genre de plan, mais je fais des commentaires sur les problèmes qui pourraient se présenter par exemple.”

“Dans ce plan financier, pas mal d’hypothèses sont avancées. Cela peut fuser de tous côtés. Moi, je présente généralement deux scénarios: un positif et un négatif. L’objectif est que le starter puisse quand même survivre pendant six mois même avec le scénario négatif.”

Où les erreurs se nichent-elles le plus souvent?

Martin van Wunnik: “Indépendamment de l’hyper-motivation irréaliste (rire), la surévaluation des rentrées/besoins. Quelqu’un a-t-il vraiment besoin du produit ou pourrait-il éventuellement aimer l’acquérir? Nombre de starters se trouvent dans la dernière catégorie, alors qu’ils pensent être dans la première. Il en résulte que les rentrées se font attendre ou ne se mettent à grimper qu’après la énième adaptation du produit.”

“C’est tout à fait différent du côté des coûts. Il est aujourd’hui possible de démarrer sans argent grâce à internet. Mais qu’en est-il si vous passez soudainement de 5 à 10.000 clients? Comment allez-vous résoudre la situation? Qu’en est-il des possibilités d’évolutivité?”

“Dans la plupart des cas, le gros problème, c’est le cash ou plutôt et surtout le manque de cash. Les rentrées arrivent plus tard que prévu, alors que les coûts sont nettement plus élevés qu’attendu. Quelle est la solution? Faire appel à la famille ou aux amis? C’est possible. Mais plus vos dettes s’accumuleront, plus ce sera compliqué. Il y aura un moment où vous devrez vous poser la question: vais-je encore m’endetter davantage ou est-ce que je dépose mon bilan? Admettre qu’on a échoué, c’est l’une des choses les plus terribles qui soient.”

Qu’en est-il de la qualité des plans financiers que nos starters élaborent?

Van Wunnik: “La plupart en dressent simplement les grandes lignes. Tant de clients, tant de chiffre d’affaires, tant de coûts. Il est néanmoins possible de trouver pas mal de bons modèles en ligne. L’ABE en a un, tout comme ING. Ce qui est bien avec ces modèles, c’est qu’ils incitent les personnes à réfléchir à deux fois sur les éléments qui ne s’appliquent pas à elles. Ce que beaucoup oublient, c’est que vous pouvez partir de l’idée que vous vous retrouverez sans salaire durant les six premiers mois (rire).”

Le manque de cash est un problème logique, quoi d’autre?

Van Wunnik: “Cinq choses. D’abord, il y a l’équipe. Si vous êtes tout seul, ce n’est pas bon. Il est préférable de collaborer avec d’autres. Il faut disposer d’une structure valable pour que la startup soit prise au sérieux.”

“Ensuite, il y a évidemment le modèle commercial (business model). Ici encore, les starters sont trop optimistes. Ils évaluent mal les besoins de leurs clients et ne réfléchissent guère à leurs prix. Ils pensent ainsi: ‘nous proposons une formule SaaS et demandons 50 euros par mois, alors que les coûts atteignent 80 euros par mois.”

“Tertio, il y a l’évolutivité (scalability), dont nous avons déjà parlé aussi. Comment faire évoluer une petite structure en une organisation acceptant de gros volumes? Quelle infrastructure est-elle nécessaire pour cela?”

“Pensez ensuite au retour sur investissement. Vous achetez du matériel coûteux, des licences chères et des programmes onéreux, mais comment allez-vous amortir et récupérer le tout? L’on retrouve ici aussi le lien avec le cash: les rentrées sont insuffisantes pour pouvoir tenir compte de tout cela.”

“Et enfin, il y la stratégie de sortie (exit). Je sais parfaitement que les starters n’aiment pas penser à mettre pied à terre, mais cela ne peut quand même faire aucun mal que de réfléchir au fait d’être prêt à renoncer ou non à 20 pour cent d’actionnariat/contrôle. Et si la réponse est affirmative, sachez que l’on n’en restera pas à cette seule phase de financement. D’autres suivront. Accepterez-vous de conserver moins de 50 pour cent de votre entreprise? Ce sont là toutes des choses auxquelles il faut mieux bien réfléchir.”

Les possibilités de sortie en Belgique et en Europe sont-elles aussi limitées que ce que l’on veut nous faire croire?

Van Wunnik: “Chez nous, l’aversion aux risques est énorme. Ce qui fait que les possibilités de sortie sont nettement plus grandes aux Etats-Unis, c’est exact. A Silicon Valley, l’équipe derrière un projet est même plus importante que le projet proprement dit. C’est nettement moins vrai en Europe. Ici, un investisseur aura nettement plus vite un problème avec un changement de cap qu’avec la mer elle-même. Alors que c’est justement cela que l’on doit pouvoir faire: changer rapidement d’intention pour réagir aux besoins du marché. Il faut alors pouvoir faire confiance à une solide équipe en place.”

“Ceci dit, je souhaiterais encore insister sur le fait que les starters se focalisent trop sur l’obtention de capital. Il est préférable de consacrer toute son attention à développer un produit viable, un prototype, et de rechercher les premiers clients. L’on devrait alors pouvoir y arriver sans financement. Quitte à se pencher plus tard sur la question du cash.”

Frederik Tibau          11/10/2012 – 15:29

http://datanews.levif.be/ict/centre-de-connaissance/jeunes-entreprises/partez-de-l-idee-que-vous-n-aurez-pas-de-salaire-les-premiers-mois/article-4000191419930.htm
© 2011 Roularta Media Group. Tous droits réservés

“Finance Tips for Startups” on YouTube

FinanceCoach24.com on YoutTube

FinanceCoach24.com

http://www.youtube.com/watch?v=vtrRAqrbLhw

Martin van Wunnik from http://www.financecoach24.com gives a basic overview of what any startup should think about to keep an eye on their finances in the first year.

P.S. Many thanks to Gilbert West from TechBrew

My startup-events’ fortnight

Think-Act!-Reflect (do NOT explode)

These last 14 days I went to several promising startup-related events:

It all started on December 9th, with my first FinanceCoach24.com (http://FinanceCoach24.com/) customer meeting (small marketing agency) to jointly set-up financial communication with possible US partner, in Schaerbeek.

This was followed on December 14th with a meeting with Christophe Ledur of Auctelia (http://www.auctelia.com/) in Court-Saint-Etienne, with young entrepreneur Gaetan (for whom I am one of his mentors/experts). I met Christophe (and his partner FX) during Betagroup’s webmission in Boston earlier this year. That evening, I went to the Aula Magna in Louvain-la-Neuve for MIC’s (Microsoft Innovation Center – Mons) Boostcamp prize & 100% Walloon ceremony (http://www.mic-belgique.be/). Watch out for the four winners in the future: Pfease, DNAnalytics, QRampaign and NearShop.

December 15th: Meeting with young Brussels’ artist Ben Heine (http://www.benheine.com/) in Brussels, to discuss our 2012 plans (a/o 3D print artwork, artistic widgets, kickstart project, etc).

That week was nicely closed on December 16th at British Chamber of Commerce (http://www.britcham.be/) Xmas lunch in Brussels, where I met several potential partners for  next year.

The following week started on December 19th at MIC (Microsoft Innovation Center) Boostcamp, for its 2nd expert/entrepreneur meeting, in Brussels (ICAB – http://www.icabrussel.be/). One very mature & promising project to follow in the coming months is the barcode project by Claude Heyman (http://www.linkedin.com/pub/claude-heyman/12/475/2ba). “Read my lips” :-). If he could only in the very near future partner-up or combine his technical assets with some marketing expert…

On that same day, I went to British Chamber of Commerce conference on Di Rupo I’s new fiscal regulations, in Brussels.

Tuesday December 20th was Betagroup 30th! (http://www.betagroup.be/) by Jean Derély, at K.NAL in Brussels. As always, great networking place and full of initiatives.

The Entrepreneurship in 2012-conference (http://www.enterprize.be/), by Prof. Olivier Witmeur & Prof. Hans Crijns, at Cercle Lorraine in Brussels followed the next day, on December 21st.

My startup-events’ fortnight ended with a promising startup meeting of the Lean Circle Brussels (http://www.meetup.com/lean-brussels/), by Vladimir, Nick & Gilbert, at Beta coworkingspace in Brussels. Watch out for the next event somewhere end of January, early February ’12.

Voilà, now, next to following up on all these events, I will also further promote my FinanceCoach24.com new services to the SME market in the coming weeks.

Martin

FinanceCoach24.com